A- A A+

Wij onderschrijven de gedragscode van de Health On the Net Foundation

Stamceltransplantatie is vooralsnog de enige behandeling die een MPN kan genezen. Stamcellen van een gezonde donor worden gebruikt om het zieke beenmerg van een MPN patiënt te vervangen. Stamceltransplantaties worden vooralsnog voornamelijk bij patiënten met een vergevorderd stadium van myelofibrose overwogen,  gezien de kans op complicaties.


Maatwerk
Een stamceltransplantatie is altijd maatwerk. Je wilt niet te vroeg transplanteren met de risico’s op ernstige complicaties. Anderzijds: als je te lang wacht dan wordt de kans dat de transplantatie tot genezing en goede kwaliteit van leven leidt weer kleiner. Dit is altijd een moeilijke afweging, die arts en patiënt samen moeten maken.
De dokter beoordeelt per patiënt welke vorm van transplantatie, welke conditionering (voorbehandeling) en welke nazorg het beste resultaat opleveren. Een stamceltransplantatie is erop gericht om stamcellen te vervangen die zijn vernietigd door de behandeling met een hoge dosis chemotherapie en/of bestralingstherapie (radiotherapie). Er zijn twee soorten stamceltransplantaties, autologe en allogene transplantaties.

Autologe transplantaties
Patiënten ontvangen hun eigen stamcellen terug. Deze procedure heeft als doel om het toedienen van zeer hoge doseringen chemotherapie - die de kankercellen moeten vernietigen - mogelijk te maken. Omdat deze hoge dosis chemotherapie niet alleen invloed heeft op de kankercellen maar ook op sommige gezonde cellen (vooral snelgroeiende gezonde cellen in het beenmerg en slijmvliezen), worden vooraf stamcellen verzameld om de door de chemotherapie vernietigde stamcellen te kunnen vervangen. Autologe stamceltransplantaties worden vrijwel niet uitgevoerd bij MPN-patiënten, maar allogene transplantaties soms wel.

Allogene transplantaties
Patiënten ontvangen stamcellen van een donor. Bij allogene stamceltransplantaties speelt het immuunsysteem een belangrijke rol. Allogene (donor) cellen zijn lichaamsvreemd en kunnen afweerreacties veroorzaken. Daarmee kan een zogeheten graft-versus-tumor of graft-versus-leukemia effect bereikt worden, wat betekent dat donorcellen restjes kwaadaardige ziekte bij een patiënt opruimen. Een belangrijke bijwerking is echter graft-versus-host-ziekte, waarbij gezonde weefsels van een patiënt door een donor worden aangevallen, met allerlei vervelende symptomen tot gevolg. Om dit tegen te gaanwordt vaak het immuunstysteem van de patient tijdelijk onderdrukt met verschillende soorten medicatie. In de maanden na transplantatie ontstaat een nieuw evenwicht. Geleidelijk accepteert het lichaam van de patiënt de donorcellen en kan de immuunonderdrukking worden verminderd.
Het moge duidelijk zijn, allogene stamceltransplantatie is een oplossing voor de ziekte, maar heeft ook een keerzijde. Het kan heftige afweerreacties tot gevolg hebben, en er bestaat tevens een kans op overlijden.

Het ziekenhuis
Een stamceltransplantatie gebeurt altijd in een speciaal ziekenhuis. Voor de voorbehandeling en de nazorg kun je wel in een regionaal ziekenhuis terecht. Ziekenhuizen moeten aan strenge eisen voldoen voordat ze een vergunning krijgen om stamceltransplantaties te mogen verrichten. De volgende centra hebben één of meer vergunningen om stamceltransplantaties uit te voeren:
•    AMC, Amsterdam            
•    Erasmus MC, Rotterdam
•    UMCU, Utrecht
•    UMC St Radboud, Nijmegen
•    LUMC, Leiden
•    UMCG, Groningen
•    AZM, Maastricht
•    VUmc, Amsterdam
•    HagaZiekenhuis, Den Haag
•    Isala, Zwolle
•    AvL, Amsterdam
•    MST, Enschede
•    St Antoniusziekenhuis, Nieuwegein

 

Meer lezen? In Pur Sang 11-2 (2014) legt dr. Reinier Raymakers uitgebreid uit hoe zo’n ‘allogene’ SCT bij myelofibrose werkt en wat de voor- en nadelen zijn. Wilt u dit nummer bestellen? Mail dan naar Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.

 

Bronnen:
Nederlande Vereniging voor Hematologie (link)
Hematon (link)
Kanker.nl (link)

 

Ga naar boven